Tijdingen

                                                                                                             december 2023  (vervolg)

 
                                                                                              Licht en lucht

Tot de laatste schermutselingen met het oude kabinet behoorde ook gesteggel over lopende internationale conflicten (Oekraïne en Midden-Oosten i.c. Israël). De nieuwe Kamer gaf er blijk van nog weinig te hebben geleerd van het recente (alsook langere) verleden. Men volgde braaf de route die door Rutte nog altijd wordt uitgezet en die weliswaar leidt tot hoge woorden, maar tevens tot stemonthouding in de VN als het erop aankomt. Oekraïne moet lid kunnen worden van de EU en Israël heeft het recht op zelfverdediging. Beide verdienen onvoorwaardelijke steun, zo luidt de boodschap. Hetzij financieel, hetzij met militair materieel. Humanitaire hulp is een welkome aanvulling.

Maar zo het recht op zelfverdediging niet identiek is aan een 'recht' op wraakneming zoals wij eerder stelden, zo is een monomane gerichtheid op militaire oplossingen voor vredesvraagstukken al even heilloos. In plaats dat Nederland zich sterk maakt voor een eigenstandige positiebepaling door de EU in geopolitieke kwesties waarbij ook de positie van de VN in het geding is, meent men dat 'partij kiezen' enerzijds onontkoombaar zou zijn, maar anderzijds not done is. Een en ander afhankelijk van het vooringenomen standpunt waarbij slachtoffers van conflicten al dan niet als 'slachtoffers' worden beschouwd. Zo zou men zich tevens dienen te distantiëren van ongebreidelde uitbreiding van de EU zolang de EU niet in staat blijkt een serie ernstige vraagstukken op een evenwichtige wijze aan te vatten en op te lossen. Het huidige neoliberale marktproject is een zwak residu van wat ooit bedoeld was ter versteviging van de sociale welvaartstaat met als kernpunt welzijn en bestaanszekerheid voor alle EU-burgers. Daarvan is bitter weinig terechtgekomen. De EU smijt met geld alsof zij de OPEC is, maar het blijft ten enenmale geld dat door de Europese burger wordt gefourneerd en hen ook volledig toekomt. 1 Over corruptie horen we bitter weinig. Men laat zich ringeloren door (internationale) belangenbehartigers van allerlei slag en verzuimt om paal en perk te stellen aan datgene wat wel en niet in het Europese belang is. De EU is echter geen speeltuin voor personen of organisaties die megalomane denkbeelden huldigen die hieraan contrair zijn. Zoals eerder gezegd: rechtsordes zijn er niet voor niets. Niet nationaal, maar ook niet internationaal. Wanneer men verklaart zich hiervoor sterk te willen maken zal er op zijn minst afstand genomen dienen te worden van beklemmende geopolitieke gerichtheden die men de EU niet aflatend poogt voor te houden en op te leggen. Het is hoog tijd voor losmaking uit deze omklemming. Zo niet, dan legt men de loper uit voor nog meer verstikkend nationalisme dat nauwelijks echte antwoorden op geopolitieke kwesties heeft, anders dan een houding van abstinentie. Maar ogen sluiten is zeker niet identiek aan kritische distantie. Kritiek is dan ook zeker niet identiek aan afwijzing, maar gericht op positieversterking. Zowel NSC als BBB zouden er verstandig aan doen zich eerst eens flink op hun internationale beleidsoriëntaties te beraden alvorens 'geharnaste' standpunten in te nemen die de zaak van Nederland en de EU bepaald niet vooruit helpen. Want zinloos wapengekletter is er al meer dan de mens lief is.

Wie meer 'licht en lucht' voorstaat, zal moeten erkennen dat samenlevingen niet gebaat zijn bij selectieve verontwaardiging of 'morele principes' die even inwisselbaar als vluchtig zijn, maar behoefte hebben aan stellingnames die consequent zijn. Ofwel die getuigen van besef van menselijke noden en belangen. Alle beleid dat niet mens en burger op de eerste plaats stelt maar ondergeschikt maakt aan een amalgaam aan politieke agenda's verdient het predikaat 'zorgvuldig' en 'verantwoordelijk' niet. Het politieke primaat ligt bij de samenleving, niet bij degenen die in naam van de samenleving (zeggen te) opereren. Slechts degenen die adequaat verantwoording afleggen en zich van hun dienende positie bewust zijn hebben in dit opzicht recht van spreken. Maar dan nog, 'de waarheid' claimen is te allen tijde verdacht, daar deze niet bestaat en derhalve ook niet (exclusief) opgeëist kan worden. Niet in naam van een hogere macht, maar ook niet onder dekmantels van 'veiligheid', 'saamhorigheid' of welk adagium dan ook. Zo er al universele waarden bestaan en gekoesterd worden, zo breekbaar is elk streven naar medemenselijkheid. Dat gold in het Palestina van Herodes en dat geldt nog steeds. Waar ook ter wereld en onder ieder gesternte. Zet nog maar een (kerst)boom op, maar verslik u niet.


[1] Kostbare projecten worden er veelal doorheen gejast zonder specifiek kiezersmandaat (een significante parallel met nationale wetgeving van de afgelopen decennia), doordat de wetgevende beslissingsmacht in de EU feitelijk bij de Raad van Ministers ligt en niet bij het democratisch gekozen Europees Parlement. Daardoor heeft de initiërende en uitvoerende Europese Commissie nagenoeg vrij spel. Een vorm van internationaal monisme zonder weerga.
 

O tempora, o mores

Het lang bepleite dualisme krijgt nu een reële kans nu Bosma tot Kamervoorzitter is verkozen, of er nu een meerderheidscoalitie komt of niet. Bosma verklaarde te staan voor een waarlijk liberale houding en deed een eloquent beroep op zelfstandige volwassenheid van alle Kamerleden als tegenwicht tegen de bureaucratische klets- en angstcultuur die door de jaren heen gemeengoed is geworden. Zoals eerder betoond schuwt hij het vrije en open parlementaire debat zonder nodeloos procedureel gemillimeter niet, waardoor hij zich zou kunnen ontpoppen als de lang gemiste 'nieuwe Dolman'. Er lijkt in elk geval een nieuwe – frisse – parlementaire wind te gaan waaien. En dat was hoognodig.

Tegelijkertijd is er sprake van een rechtsstatelijke paradox, daar de bescherming van democratie en rechtsstaat (incl. de grondrechten) nu in handen komt van degenen die altijd het verwijt kregen deze principes te ondermijnen, dan wel aan hun laars te lappen. Vertwijfeling alom bij degenen die claimden de rechtsstaat – maar meer in het bijzonder de multiculturele samenleving en haar diversiteit – exclusief te verdedigen. Multiculturaliteit is evenals migratie evenwel geen exclusieve verworvenheid van 'links', maar een maatschappelijk gegeven van zowel moderne als vroegere samenlevingen. Het gaat om niets meer of minder dan de attitude die men ten opzichte van deze fenomenen aanneemt. Die kan men omarmen of verwerpen, zoals deze attitude ook meer of minder rechtsstatelijk kan zijn, en dat vormt de kern van veel politieke debatten hierover. Niet alleen in Nederland, maar in veel samenlevingen. Ook die welke 'vrijheid' en 'democratie' hoog in het vaandel zeggen te hebben. Veel zal moeten worden uitgekristalliseerd alvorens problemen werkelijk op een gebalanceerde wijze kunnen worden aangepakt en alle ingezetenen van een feitelijke gelijke behandeling verzekerd kunnen zijn.

Bij dit alles dient niet uit het oog te worden verloren dat traditionele 'middenpartijen' zoals het CDA, de PvdA alsook de VVD al langere tijd op hun retour zijn, dan wel intern in ontbinding verkeren. Niet alleen een gevolg van de ontzuiling, maar bovenal ook een consequentie van het neoliberaal achter elkaar aanlopen, dat met name D66 heeft moeten bekopen en nagenoeg geheel haar kop heeft gekost. Hoe paradoxaal is het vervolgens om te constateren dat de PVV als VVD-kloon, evenals BBB en NSC als neocorporatistische erfgenamen van de vroegere (meer progressieve c.q. sociaal en rechtsstatelijk georiënteerde elementen in de) christendemocratie, nu voor samenwerking met de VVD opteren waartegen men zich (terecht) zozeer heeft afgezet. Dat wordt nog jongleren. Is het niet met woorden, dan wel met voorgestaan voortvarend beleid. Aan ideologische positiebepaling zal menige partij zowel ter linker- als ter rechterzijde echter niet meer kunnen ontkomen. Ook niet onder verwijzing van al dan niet 'onontkoombaar' geacht technocratisch bestuurlijk en beleidsmatig management. Die tijd is voorbij. Er zal nu moeten worden geleverd, anders blaast de democratie zichzelf op. Dat er nu een zeker evenwicht tussen ideaal en werkelijkheid lijkt te ontstaan kan alleen maar als winst worden beschouwd, ondanks dat nationalistische sentimenten zulk een evenwicht kunnen blijven bedreigen en ondermijnen. 'The proof is in the eating', zoals wordt gezegd. Want met retoriek komen we er niet (en met onbesuisde dwingelandij evenmin). 

                                                -  De redactie van Tijdingen wenst alle trouwe lezers een politiek gezond 2024 -