De verbeten jacht op de pensioenmiljarden

Geld moet rollen, zo luidt een basale financieel-economische wet. Maar wanneer geld wordt opgepot als een appeltje voor de dorst dan is de vraag hoe veilig dit gespaarde geld in andermans handen is. Pensioenfondsen zijn de aangewezen beheerders van zulke gelden. Zij incasseren en keren uit. Tot zover niets mis. Maar wanneer deze beheerders vervolgens menen zich op te kunnen stellen als schatkistbewaarders die vrijelijk over de hen toevertrouwde financiën kunnen beschikken en beslissen dan lopen zaken scheef. Pensioenfondsen werden samen met andere institutionele beleggers (banken en verzekeringsmaatschappijen) een geduchte machtsfactor met grote invloed op de landelijke politiek. 1

Pensioenfondsen opereren in een schemergebied tussen staat/overheid, burgers en markt. Ofwel de semipublieke sector. Men heeft weliswaar welomschreven wettelijke verplichtingen, maar de overheid c.q. het parlement is ondanks vele protesten en waarschuwingen akkoord gegaan met de overheveling van verantwoordelijkheden en bevoegdheden waarbij marktmecha-nismen voortaan leidend zullen zijn (pensioentransitie). Gelden werden weliswaar al tijdenlang in fondsen belegd, maar van de revenuen werden de belanghebbenden meestal nauwelijks iets wijzer. Daarentegen werden de beleggingsrisico’s steevast door middel van premieheffing op de belanghebbenden afgewenteld en werd er met indexering pas op de plaats gemaakt. De pensioenuitkeringen (inclusief het ‘staatspensioen’ – de AOW) bleven daardoor structureel achter bij de almaar oplopende prijsontwikkeling. Deze scheefgroei droeg in niet geringe mate bij aan de geldontwaarding (inflatie). Daarenboven werd er lange tijd poker gespeeld met investeringen in dubieuze zaken waardoor de fondsen flink wat kapitaal kwijtraakten. Jarenlang werd echter gemeend dat pensionado’s er warmpjes bij zaten. Zij beschikten immers over ‘vermogen’. Virtueel wel te verstaan. Want zowel over de met hypotheek belaste woningen als over de gespaarde pensioengelden kan men niet direct beschikken. Deze gelden zitten vast zolang de contractuele verplichtingen doorlopen. Daar moest verandering in komen, meende men. De jacht op het ‘eigen vermogenbezit’ werd in de politiek al decennia geleden geopend sedert de ‘liberalisering’ van overheidsfuncties waarbij de markt werd geacht zaken ‘beter’ en ‘efficiënter’ te kunnen regelen en organiseren. De ganse publieke sector werd in de uitverkoop gedaan en daarmee nu ook de pensioenen. Het zou volgens de woordvoerders een ‘win-win situatie’ betekenen. Beleggingsrisico’s zouden voortaan worden ‘gedeeld’. Over evenredigheid werd evenwel niet gerept. De burger zou voortaan ‘mee profiteren’ en daarbij de bijbehorende risico’s voor lief moeten nemen. Hij zou zelf ‘de regie’ in handen krijgen (maar feitelijk meer dan ooit buitenspel staan). Een diabolische constructie waarmee men van links tot rechts akkoord is gegaan. Vanwege de totale individualisering werd het solidariteitsprincipe waarop het stelsel was gebaseerd zonder pardon naar de prullenbak verwezen.

Zover is het echter nog niet, hoewel er vooruitlopend op deze ontwikkeling driftig wordt voorgesorteerd. Zo bestond de redactie van het financieel-economische blad ESB het onlangs om gewag te maken van het ontbreken van voldoende ‘vet op de botten bij de fondsen’ [sic]. Een zich herhalende mantra. Over de botten van belanghebbenden wordt fijntjes gezwegen. Bizar. Alle argumenten om spaarders indexatie te onthouden zijn blijkbaar – nog altijd – geoorloofd. Tot aan het idiote toe. Want waar zit dat ‘vet’ nu eigenlijk? Niet bij de pensionado’s en niet bij de jongeren die hun pensioenafdrachten nog jaren moeten ophoesten. Schaapachtig wordt er gesproken over ‘inflatie’ alsof niet de groter wordende kloof tussen inkomsten en kosten voor levensonderhoud het basale kenmerk is van dit fenomeen, maar het een ‘autonome ontwikkeling’ zou betreffen die ‘vermogende ouderen’ en ‘zich feitelijk toch maar weinig om hun (verre) financiële toekomst bekommerende jongeren’ nauwelijks zou deren. Leve de markt en tel uit je winst. Hier en nu.

De ‘pensioentransitie’ is al met al een geregisseerde aanval die bewust is ingezet en doorgedrukt om zich van de spaargelden meester te kunnen maken zonder dat de fondsen nog langer met de consequenties van hun beleggingsbeleid worden geconfronteerd. Wie had het over bescheiden ‘dienstbaarheid’…? Nederland is bij lange na geen paradijs — en zeker geen belasting- en premieparadijs voor burgers die het van hun (vaak laag- en onderbetaalde) arbeid moeten hebben. Was dat niet ooit een centraal politiek issue (…)? Nee, driftig speculeren met uitgesteld loon is kennelijk een teken van slim opereren. Daarmee betoont men zich volledig ‘bij de (moderne) tijd’ die ‘nu eenmaal tot andere gerichtheden noopt’. Ja, zo kennen we de (pseudo-calvinistische) oriëntaties van financieel-economische bestuurders weer die graag koketteren met hun bescheiden arbeidersverleden als het zo te pas komt, maar verder weinig malen om het wel en wee van hun lastgevers. Leve de kleyne luyden van het grootkapitaal (dat altijd weer lonkt om ermee aan de haal te gaan).


[1] Het belegd vermogen van Nederlandse verzekeraars en pensioenfondsen bedroeg volgens opgave van de Nederlandse Bank eind 2020 maar liefst 2.112 miljard euro. Ter vergelijking: het jaarlijkse overheidsbudget bedraagt momenteel zo'n 440 miljard euro.
 

Gluren bij de buren

Wat links verbindt is geen vuist, maar zelf bewerkstelligde onmacht. Geen van de partijen pleit nog voor ontwapening, laat staan een andere economische orde. De eenzame Wagenknecht (voormalig Die Linke, nu BSW) die in Europa als een van de weinigen consequent voor détente pleit wordt weggezet als een Putin-aanhanger die Moskou slechts in de kaart speelt en derhalve niet serieus genomen behoeft te worden. Zo komen we geen stap verder. De transatlantische Koude Oorlogskramp zit er bij vrijwel alle politici en maatschappelijke geledingen goed in. Men is kennelijk als de dood dat geopolitieke verhoudingen worden genormaliseerd en doet er alles aan om het conflictdenken levend te houden en zo mogelijk nog verder op te stuwen. Vrijwel het hele politieke spectrum is rechts afgeslagen en loopt schaapachtig achter de grillen van grootkapitalisten aan. Sociaal- en christendemocraten verschillen in dit opzicht nog nauwelijks van de liberalen, zoals ook ultra-rechtse groeperingen zich ondanks hun rabiate nationalisme gewillig aan de markt overgeven. Ook het ‘groene denken’ wordt vaker dan gedacht gedomineerd door lucratieve markt- overwegingen (waarmee overigens flink wat gemeenschapsgeld is gemoeid). Met zulk een politieke constellatie raken alle beleidsalternatieven volledig buiten beeld en resteert er slechts willoze beleidsadaptatie. Dat alles op basis van de (formele) ‘wil van Het Volk’. Maar die bestaat slechts in virtuele zin, want zulke mandaten worden nu eenmaal nimmer verstrekt. Ook niet in een parlementaire democratie. De kiezer spreekt zich slechts uit voor de kandidaat van zijn voorkeur en neemt daarbij ex ante partijoverwegingen meestal voor lief. Zelfs ook a posteriori. De soep wordt in de regel dan ook heel wat heter gegeten dan opgediend en daaraan branden samenlevingen en hun burgers zich zonder ophouden. Het ‘tevreden’ houden van kiezers gebeurt overwegend met peanuts die niet opwegen tegen de forse ingrepen in hun bestaanszekerheden. Maar in plaats van zich op deze beleidsmatige disproportionaliteit te richten maken partijen zich steevast druk om de hoogte en omvang van zulke douceurtjes die worden verstrekt alsof het een vorm van charitatief altruïsme betreft. Dat is geen oprechte politiek, maar volksverlakkerij. Het verkiezingstheater in Duitsland verschilt in dit opzicht weinig van de Nederlandse situatie. Men krijgt als vanouds weer de combinatie van SPD en CDU (aangevuld met de Groenen of FDP). De AfD komt hieraan niet te pas, of men nu stemmenwinst boekt of niet. Daarmee wordt het beleid zonder enige noemenswaardige verandering voortgezet en zal men nog tot in lengte van dagen met de bekende vraagstukken zoals immigratie, huisvesting, bestaanszekerheid, economische ontwikkeling en EU-positionering blijven worstelen, zonder enig uitzicht op een structurele aanpak van deze kwesties. Daarvoor zijn de neoliberale oriëntaties -zoals ook in Nederland- te hardnekkig. Zolang men bij links weigert om zich rekenschap te geven over het eigen aandeel in het gevoerde neoliberale beleid zal het niets worden met linkse politiek en zal er van linkse tegenmacht ook geen sprake kunnen zijn. Rechts houdt dan vrij spel, wat men ook allemaal aan kritiek moge opwerpen.

The mean pinball

We flipperen wat af zo alles bij elkaar genomen. Als weerhaantjes springen beleidsmakers in het rond om elke keer weer opnieuw ‘ontdekkingen’ naar voren te brengen die men heeft bedacht over de talloze mogelijkheden die ons ten dienste zouden staan om vraagstukken aan te pakken. Vervolgens luidt het: «we gaan kijken» en «zullen zien». Wat rest is vertwijfeling en onmacht. Je wordt er doodmoe van.
Zijn er werkelijk zoveel nieuwe ideeën die de moeite waard zijn, of is het gewoon een kwestie van ‘aan de praat’ blijven om ‘het initiatief’ maar niet te verliezen? Met veel mantra’s, drogredenen en eufemistische omwegen tracht men het geprangde gemoed te bezweren, maar men verliest hoe langer hoe meer de greep op zaken. Een hypernerveuze en wrang klinkende kakofonie is het kenmerk van al dit kabaal. Ja er wordt veel gepraat en gekletst, maar bar weinig geluisterd. Zeker niet naar burgers die te midden van dit alles overeind trachten te blijven. De bal moet rollen, maar vliegt steeds weer finaal de bocht uit. De boel slaat bij alle kunstgrepen op tilt en uiteindelijk is het dan game over. Maar geen nood, de benodigde stemmen worden ‘toch wel weer’ binnengehaald, zo schijnen politici te denken. Dat deze gedachte door de praktijk ook makkelijk gelogenstraft wordt is van secundair belang. Men blijft zich steevast tegen beter weten in rijk rekenen. Donkere wolken blijven zich evenwel boven de politieke arena samenpakken en benemen hoe langer hoe meer het licht dat men zo hevig ontbeert. Nog maar weinigen zijn in staat deugdelijke analyses te maken van lopende ontwikkelingen, maar blijven daarentegen met hun schamele overtuigingen dolen totdat tenslotte niemand meer in hun ‘bevindingen’ is geïnteresseerd. Exit spreekbuizen van de natie; van harte welkom de volgende generatie hemelbestormende druktemakers. Enzovoort. What’s new? Nothing gained; much is lost or in vain.

Wat zijn dat toch voor mens- en wereldbeelden die kennelijk aan de basis liggen van zoveel onbegrip en narigheid? Wat houden die bejubelde ‘normen en waarden’ welbeschouwd in? Bar weinig, als het erop aan komt. Deze blijken – zoals vaker met ‘overtuigingen’ het geval is – ‘multi-interpretabel’, ofwel bruikbaar voor nagenoeg elke denkbare toepassing. Zo is daar het geloof in de menselijke rechtschapenheid waardoor mensen slechts ‘het goede’ zouden nastreven. Maar wanneer dat geloof gepaard gaat met een onwrikbare – nagenoeg absolutistische – overtuiging van het eigen ideologische gelijk, ja dan wordt het niet zo bar veel met zulke goedheid, maar blijven zulke strevingen exclusief voor de eigen club, of volledig in de mist hangen. En dan nog. Het claustrofobische (en xenofobe) karakter van menige ideologie doet niet zelden ook de ‘eigen mensen’ de das om. Zeker bij sektarisch gerichte oriëntaties. Het geloof in de eigen ‘voortreffelijkheid’ waaraan men gewaande superioriteit zou denken te kunnen ontlenen is vaker dan gewenst (dan wel gezond is) aan de orde. ‘Voortreffelijkheid’ die niet in overeenkomstige daden wordt omgezet heeft evenwel feitelijk niet zoveel waarde. Dan wordt het (al dan niet exclusief) claimen van ‘rechten’ een bizarre vertoning van eigendunk. De huidige wereld barst ervan, hoewel men er vroeger ook wat van kon (vgl. de imperialistisch-etnocentrische en koloniale aspiraties die men koesterde en ten uitvoer bracht. Het leidde tot onnoemelijk veel leed en doet dat in vele vormen en gedaanten nog altijd).

De vraag blijft dus steeds waarmee men zich denkt te moeten of kunnen identificeren en of de geclaimde ‘principes’ wel zo deugdelijk zijn als wordt voorgewend. Simpelweg verwijzen naar ‘normen en waarden ’– ‘voor insiders only’ – is niet genoeg en kan nooit een finaal argument zijn om anderen de maat te nemen. Voordat men het weet belandt men in eindeloos moreel gesteggel over ‘goed’ en ‘kwaad’ en is het moraliserende hek van de dam. Daarmee heeft men niet alleen in Nederland, maar ook elders meer dan genoeg te stellen gehad. De vele godsdienstoorlogen en vervolgingen getuigen daarvan. Fundamentalistische neigingen tieren volop. Het ‘gidsland’ Amerika wemelt ervan. Tot op het hoogste niveau. Maar zolang de speelhallen en beursvloeren als seculiere godshuizen goed bemand blijven zullen weinigen erom malen. Het ‘lot’ in eigen handen nemen vereist immers ‘het nemen van risico’s’. Dat is evenzeer een (heilig) geloof. Niets gewaagd, dan ook niets gewonnen. Maar ‘het beloofde land’ is voor de meeste stervelingen nog even ver weg als het altijd al was. Wie desondanks nog altijd meent dat er sprake is van een beschermende paraplu die tot in lengte van dagen 'veiligheid' biedt, vergist zich deerlijk. Hoezeer men er ook van overtuigd is dat de VS en haar bondgenoten zich niet van spionage-, infiltratie, clandestiene en subversieve activiteiten, of welke vorm van inmenging ook zouden bedienen. Dat zou alleen voorbehouden zijn aan 'het Rijk van het Kwaad', ofwel Rusland dat (samen met China) 'als enige' propaganda bedrijft, zich intimiderend opstelt en alle kansen te baat neemt om haar invloed uit te breiden. Gelooft men het zelf? Nee natuurlijk. Een niet-aflatende propagandamantra die reeds lange tijd door de werkelijkheid is ingehaald. Alsof er geen CIA, Navo, of netwerken zouden bestaan die zich vergaand met interne aangelegenheden van landen zouden bemoeien en daarbij alle denkbare middelen aanwenden om staten aan zich te binden dan wel naar hun hand te zetten. Dat gaat onverminderd door, ondanks dat de VS zich van Europa lijkt af te keren. Want men vergisse zich niet, de banden zijn nog altijd even onwrikbaar als zij sedert WOII altijd al waren. Europa weet zich niet aan de grip van de VS te ontworstelen, net zomin als de VS zonder de (honden)trouw van Europa kan. Maar welk een paternalisme toch dat keer op keer tentoon wordt gespreid alsof Europa uit een stelletje kleuters bestaat dat door de Atlantische overzijde telkens weer 'bij de les' gehouden dient te worden. Wanneer wordt men eindelijk eens volwassen en leert men op eigen benen te staan? Hoeveel schofferingen heeft men daarvoor nodig? Von der Leyen trekt nu plotseling wel een grote broek aan, maar blijft evenals Zelenski zonder backing van de VS onder de huidige omstandigheden nergens. Zoals de EU zich diskwalificeert, zo staat nu ook de Navo volledig in haar hemd. Rutte kan wel krampachtig blijven lachten, maar zijn 'rolvastheid' wordt allengs hachelijker naarmate de Trump-administratie de geopolitieke koers wijzigt en de betrekkingen met Europa herziet. Ja, daar sta je dan. Men had natuurlijk al veel eerder de knopen moeten tellen en een eigenstandige positie moeten innemen, zoals wij reeds lang voordat de recente ontwikkelingen zich aandienden hebben betoogd. Dat dit is nagelaten heeft men volledig aan zichzelf te wijten. Nu krijgt men een koekje van eigen deeg en wordt men alsnog met de pijnlijke consequenties van zulk een nalatige houding geconfronteerd. Een onafhankelijke Europese defensie was een oude aanbeveling die echter stelselmatig de grond is ingeboord. Slechts aan de leiband van de VS zou Europa iets voorstellen, zo was (en is) de leidende gedachte. Welnu, een grote misvatting die zich opbreekt. Het geopolitieke balletje kan raar rollen, dat blijkt maar weer. 

Wie desondanks meent dat Rusland wel op de knieën te dwingen valt maakt een grote (historische) vergissing. Dat is Napoleon met een Grande Armée van 600.000 man niet gelukt; daarmee overspeelde ook Hitler volledig zijn hand en wisten de Amerikanen tijdens de Koude Oorlog slechts ‘afschrikking’ tegenover de Russische militaire macht te plaatsen. Met fatale gevolgen voor de bewapeningswedloop wel te verstaan. Alleen de Krim-oorlog van 1853-1856 leidde tot een Russische militaire nederlaag, hoewel Rusland daarna in 1904-05 ook nog flink wat met de Japanse expansionistische agressie te stellen kreeg. Maar de overwinnaars zouden niet lang van hun zege profiteren daar zowel het Ottomaanse Rijk, als Japan en de koloniale machten Engeland en Frankrijk (na resp. WOI en WOII) hun machtspositie volledig kwijtraakten. Uiteindelijk hebben alleen de Afghanen aanvankelijk met enig succes weerstand kunnen bieden tegen de Russische inmenging. Later haalde ook de internationale troepenmacht onder leiding van de VS aldaar bakzeil. Maar dan niet zozeer tegen de Russen die het veld hadden geruimd, als wel tegen de Taliban. Dus wat denkt de EU eigenlijk voor elkaar te krijgen wanneer men spreekt over het zenden van troepen? En dat nota bene samen met de Engelsen die willens en wetens the continent radicaal de rug hebben toegekeerd en liever de Sonderweg van de Alleingang verkozen. Nog afgezien van het feit dat men hiermee feitelijk een oorlog met Rusland riskeert dan wel over zich afroept, is deze idiote verdwazing een potsierlijke vertoning die aan vrijwel de gehele geopolitieke constellatie voorbij gaat. Denken de verslagen agressors van weleer hiermee nu werkelijk alsnog hun gram te kunnen halen of hieraan enig 'prestige' te kunnen ontlenen? Men maakt bizarre bokkesprongen met kilo's boter op het hoofd. 2 Daarbij speelt op de achtergrond nog altijd het waandenkbeeld dat de Tweede Wereldoorlog louter door de westelijke geallieerden – i.c. de VS – zou zijn gewonnen. Het majeure en massieve aandeel van de Sovjettroepen, zonder welke de oorlog niet op de wijze zou zijn beslecht die Europa definitief van het naziregime bevrijdde, wordt in de consequent volgehouden eenzijdige en a-historische beeldvorming simpelweg terzijde geschoven. 3 Dat is onacceptabel. Deze stelselmatige anti-propaganda heeft meer schade aangericht dan het voordeel dat men ermee dacht te bereiken. Wie echter geen historisch besef heeft is gedoemd de geschiedenis dunnetjes over te doen. Met alle consequenties van dien. Streven naar détente is geen zwaktebod, maar een weloverwogen daad van gebalanceerde verantwoordelijkheid die meer perspectief biedt dan het vervolgen van het zinloze oorlogspad. Ook indien men hier niet aan wil zal dit uiteindelijk toch de enige optie blijken om tot werkbare geopolitieke verhoudingen te komen. Wie geen vrede wil heeft aan de onderhandelingstafel niets te zoeken.


[2] Als de Oekraïne werkelijk ‘Europees’ zou zijn zoals de NOS het onlangs in haar opgewonden berichtgeving zei, dan is Rusland dat ook. Of ze zijn het geen van beide. De Atlantici die weliswaar hoog spel speelden maar nu vertwijfeld achterblijven staan met lege handen en zijn al ‘hun’ gespendeerde centen kwijt. Het parlement mag bij alle politieke wensen op een houtje bijten, want ‘geld is er niet’ (meer). Dat zijn dan de consequenties van het beleid waarmee men zo graag de grote flinke jongen wilde uithangen en waarmee men flink voor zijn beurt sprak (en zich daarbij ook nog eens finaal misrekende).

[3] Pro memorie: de operatie Barbarossa waarmee Hitler met 4 miljoen soldaten Rusland binnenviel en die uiteindelijk tot de totale nederlaag van het nazi-regime leidde kostte Duitsland en bondgenoten (Roemenië, Hongarije, Finland, Italië, Slowakije, Kroatië) aan het eind van WOII bij elkaar zo’n 11 miljoen slachtoffers, waarvan 8,5 miljoen soldaten en 2,5 miljoen burgerslachtoffers (inclusief die van Japan). De Sovjet-Unie verloor in de Tweede Wereldoorlog meer dan 23 miljoen mensen (13% van de bevolking). Tijdens de Barbarossa-inval werden er door de nazi's ruim 3 miljoen krijgsgevangenen gemaakt waarvan velen een erbarmelijke en gruwelijke dood stierven. Totaal kostte WOII naar schatting meer dan 70 miljoen mensen het leven, waarvan 25 miljoen militairen, 40 miljoen burgerslachtoffers en 6 miljoen Holocaust-slachtoffers. De Amerikanen verloren 400.000 man, de Engelsen 450.000, Frankrijk 560.000 (militairen en burgers) en Canada 45.000 manschappen. China verloor overigens met name door de Japanse agressie vanaf de vooravond van WOII meer dan 19 miljoen inwoners waarvan het grootste deel burgerslachtoffers waren. (Bron: World War II Casualties Database).
Ter vergelijking: de Eerste Wereldoorlog kostte naar schatting 35 miljoen soldaten en tussen de 7 en 13 miljoen burgers het leven. E.e.a. afhankelijk van de vraag of men de slachtoffers van de Russische Revolutie daarbij al dan niet verdisconteert. (Bronnen onder meer: Britannica, 15th ed., 1992; Brzezinski, Z. Out of Control: Global Turmoil on the Eve of the Twenty-first Century, 1993). De financieel-economische alsmede sociaal-maatschappelijke kosten van al dit oorlogsgeweld bedragen een kolossale -en nauwelijks te becijferen- veelvoud hiervan.

Toch is er een niet onbelangrijk lichtpunt: onlangs hebben 9 landen de The Hague Group opgericht om gezamenlijk stelling te ne- men tegen het ernstig schenden van internationale bepalingen die de handhaving van mensenrechten beogen te garanderen en landen c.q. regeringsleiders op te roepen om de uitspraken van het Internationaal Strafhof (ICC) niet te negeren, maar gestand te doen. Voor details alsook de inhoud van het uitgebrachte manifest zie: The Hague Group

De organisatie krijgt inmiddels brede ondersteuning. Zie hiervoor: 
DiEM25 staat achter The Hague Group: Het Mondiale Zuiden neemt de leiding terwijl Europa faalt inzake Palestina

 

De aan hovaardigheid grenzende abstinentie van de EU te midden van deze geopolitieke ontwikkelingen is een wrange en onacceptabele houding waarmee men de eigen principes met voeten treedt en zegt meer over de hypocriete ambivalentie dan over alle militaire krachtpatserij die tentoon wordt gespreid. De doorgaande politieke, militaire en financieel-economische bemoeienis met perfide regimes dient ogenblikkelijk te worden beëindigd. Zo niet, dan vervallen alle claims op de bescherming van mensenrechten en betoont men zich geen haar beter dan degenen die deze stelselmatig schenden. Het (niet zo lelieblanke) westen dient een toontje lager te zingen en zeker niet zo hoog van de toren te blazen. Oorlogen beginnen niet zelden met lichtzinnigheid, maar eindigen steevast in rampspoed en ontreddering. Dus jazeker, the times they are-a changin’ en er verandert ontegenzeggelijk veel, hoewel dit op tal van terreinen slechts schijn is. We blijven echter de gevangenen van onze preoccupaties en oude reflexen waarin we desondanks blijven hangen en die keer op keer tot grote, maar veelal onnodige ellende leiden die voorkomen kan worden. Dat kan en moet anders, maar wil men dat ook of blijft het louter bij retoriek en goede sier? Indien er geen enkele ruimte is voor (beleids)alternatieven dan is het antwoord simpel: men zal tot in lengte van dagen met de eigen spookbeelden blijven zitten die weinigen tot voordeel strekken en zeker niet het heil brengen waarvan men zo hoog opgeeft. 

Wanneer men echt werk wil maken van vrede en veiligheid en de internationale rechtsorde werkelijk zou respecteren zou er op z'n minst een begin gemaakt moeten worden met de afschaffing van het anti-rechtsstatelijke 'beginsel' dat burgers recht zouden hebben op wapenbezit (en impliciet daarmee dus ook het gebruik ervan) zoals onder meer in de VS nog altijd het geval is. Fotograaf Gabriele Galimberti laat zonder omhaal de verdwazing zien die hiervan het gevolg is zoals hieronder is te zien. Dat dit geen uitzonderingen zijn bewijst de massaliteit van vergelijkbare situaties daar te lande.


'Trigger-happy'. Na te volgen verdwazing?

Images by Gabriele Galimberti | ‘Ameriguns’  ©

Begeleidend Statement:
"Half of all the firearms in the world that are owned by private citizens for non-military purposes are in the United States of America. The overall number, indeed, exceeds the Country’s population: 400 million weapons for 328 million people. This is not a coincidence, nor is it a market-related issue: it is rather a matter of "tradition” and constitutional guarantee established with the Second Amendment, ratified in 1791. This law reassures the inhabitants of the newly independent territories that their Federal Government would not be able, one day, to abuse its authority over them, and they are guaranteed the right to bear arms.

Two hundred and fifty years later, the Second Amendment is still ingrained in all aspects of American life.

Gabriele Galimberti has travelled to every corner of the United States – from New York City to Honolulu – to meet proud gun owners and photograph them and their weapons.
He has photographed people and guns in their homes and neighbourhoods, even in places where no one would expect to find such arsenals.

These often disturbing portraits, together with the accompanying stories based on interviews, provide an unexpected and uncommon view of what the institution of the Second Amendment really represents today."