Ontregeling: de samenleving als vruchtbare en lucratieve bodem voor criminaliteit

Nederland is bij alle gejubel over 'verdienmodellen' hard op weg naar een maffiose constellatie waarin zware criminaliteit op tal van terreinen hand over hand toeneemt. Drugshandel, intimidatie, afpersing, aanslagen, fraude en corruptie ondermijnen de samenleving en haar instituties hoe langer hoe meer. Criminologen en anderen waarschuwden hier al vele jaren geleden voor. De overheid heeft nauwelijks grip op deze ontwikkeling en kijkt beteuterd toe hoe georganiseerde bendes zaken 'regelen' en naar hun hand zetten. 'Veiligheid' is dan ook vooral verworden tot een politiek weinigzeggend begrip waarmee een 'correctheid' wordt gesuggereerd die nauwelijks bestaat of waargemaakt kan worden. De samenleving is een volledig ontregelde wild-west arena geworden waarin vele kwaadwillenden ongemoeid hun gang kunnen gaan. Nederland was al op weg naar een narcostaat waarbij er ook al sprake was van een casinokapitalistische ontwikkeling en de vestiging van een discutabel belastingparadijs waarin een cynische graaicultuur welig kan tieren, maar nu is het hek helemaal van de dam. Zaken worden niets en niemand ontziend tot op het bot uitgehold. Alles ligt daarbij voor het graaien, van privé bezittingen en consumptiegoederen, tot geldautomaten, auto's, huizen, transportgoederen,  infrastructurele installaties, communicatienetwerken, openbare voorzieningen en alles daaromheen. Niets is veilig. Volop worden mensen geronseld om allerhande klussen in opdracht van vrijwel onzichtbare anderen uit te voeren. Zowel goedschiks als kwaadschiks.

De aandacht wordt echter stelselmatig afgeleid door te verwijzen naar oorlogshandelingen waarmee Nederland zou worden bedreigd. Zo krijgt 'veiligheid' een eendimensionale betekenis die de verbetering van zekerheden van burgers nauwelijks ten goede komt. Als er al arrestaties worden verricht, dan meestal niet bij de organisatoren die dan ook meestal weer via anderen hun praktijken voortzetten. Veroordelingen staan vervolgens vaak niet in verhouding tot de gepleegde misdaden als (ad hoc) collectief, maar als individu. Ofwel de vele criminele krabbelaars. Om een en ander strafrechtelijk te kunnen waarmaken is een bewijs als criminele organisatie vereist. En dat blijkt in de praktijk lastig. Hierbij komt dat het vele 'schouderophalen' (zie boven) een effectieve aanpak van zulke ontwikkelingen veelal in de weg staat. De cultuur is dermate verziekt dat velen niet meer op- of omkijken wanneer zich 'calamiteiten' [sic] voordoen. Zelfs aan bedreigende oplichting raakt men 'gewend'. Een kwestie van 'goed opletten' toch?
Aldus is het een koud kunstje om onder- en bovenwereld met elkaar te laten versmelten tot een zielloos conglomeraat dat lak heeft aan alles wat de samenleving behoeft, waardoor er een inktzwarte parallelwereld ontstaat die grenzeloos haar eigen wetten volgt en oplegt. Tel daarbij alle hooliganism en drieste rechts-extremistische groeperingen op die uit de grond schieten en men heeft een beeld van het gevaar dicht bij huis in plaats van mijlenver weg. Maar een overheid die niet in staat blijkt tot het bieden van veiligheidsgaranties verspeelt haar goodwill en is feitelijk failliet. Jazeker, ook dat valt onder de term 'bestaanszekerheid' waarnaar men zoals bekend kan fluiten. Niet alleen door toedoen van de overheid staan vele gedupeerden met lege handen, maar ook de getroffenen van criminele gewelddadigheid die geen mogelijkheid hebben om verhaal te halen. Zware criminelen worden door de beste strafpleiters bijgestaan, maar de gemiddelde burger heeft zulke ruime mogelijkheden meestal niet. De rechtsongelijkheid is een niet te onderschatten factor bij de afkalving van democratie en rechtsstaat, zoals wij al eerder betoogden.

Het graaien – legaal en illegaal gaat intussen onverminderd door. Maar wat wil men nu – en met name de Europese Commissie – géén oplopende begrotingstekorten bij lidstaten van de EU, of toch maar weer wel? En dat alles conform Navo-wensen? Er wordt gegoocheld en gedraaid met cijfers, net zolang tot men de (defensie)buit binnen heeft. Voor defensie moet alles, inclusief binnenlandse aangelegenheden, wijken. Dan weer is het om tegemoet te komen aan eisen van de VS, dan weer om de Europese veiligheidsbelangen te dienen omdat men niet meer op de VS kan vertrouwen of leunen. Maar welke gelegenheidsargumenten ook mogen worden gebruikt, het blijft een wanvertoning. Niet alleen Rutte betoont zich een willoze zetbaas die de wapenindustrie op kosten van de belastingbetaler met 'strategische verdienmodellen' denkt te kunnen paaien, Von der Leyen cum suis doen er zeker niet voor onder. De verstrengeling tussen Navo en EU is compleet. Als nu nog niet duidelijk is hoe de zaken er voor staan, dan betoont men zich blind voor deze kongsi die meer kapotmaakt dan men denkt. Men mag hopen dat hieraan een eind wordt gemaakt en dat de geconfisqueerde gemeenschapsgelden voor menslievender doeleinden worden aangewend, in plaats van tot in lengte van dagen uiterst lucratieve en kapitaalkrachtige bedrijven te blijven subsidiëren die discutabele belangen najagen en daarmee de maatschappij geen enkele dienst bewijzen. Want wat men ook allemaal onder het lemma 'veiligheid' meent te kunnen scharen, opgevoerde wapenproductie is nimmer een remedie voor de gevolgen van politiek-bestuurlijke onverschilligheid en lethargie die al veel te lang voortwoekert.
Een oorlogseconomie als apotheose van het staatskapitalistische bestel. Waar hebben we dit ook alweer eerder gezien...? Monomane idioten hebben de wereld in hun greep. De hoofden zijn op hol geslagen. Wanneer stoppen we ermee om onszelf gek te laten maken en ons een rad voor ogen te laten draaien?

De grote regressie

In menig opzicht is er sprake van een terugval in oude structuren, concepten en gewoonten. Zowel op economisch, politiek, rechtsstatelijk als cultureel gebied zien we een beweging die verwijst naar en teruggrijpt op modellen zoals die (lang) vòòr de ontwikkeling van moderne samenlevingen werden gehanteerd.

1. Op economisch gebied grijpt men terug op het 19e-eeuwse marktmodel waarop de overheid i.t.t. de latere sociale zekerheidsstaat nog nauwelijks beslissende invloed had. De bovenschikking van markt en kapitaal aan arbeid vormt de kern hiervan.

2. In de politiek is een beleids-swing gemaakt van (her)verdelende sociaaldemocratische gerichtheden naar (neo)liberale marktconcepten waarbij de overheidsregie voor een groot deel uit handen is gegeven en de publieke sector is uitgehold.

3. In rechtsstatelijk opzicht is er sprake van (beleidsmatige) aantasting van grondwettelijke zekerheden en een verschuiving van basale overheidsplichten en verantwoordelijkheden naar vermeende 'burgerplichten'. Of zoals scheidend raadsheer in de Hoge Raad Buruma het zegt: een terugval van the rule of law naar the rule by law.

4. In cultureel opzicht tenslotte zien we een uitdijend anti-etatisme gekoppeld aan een nieuw Victorianisme dat (wederom) bol staat van de hypocrisie en apathie.

Bovendien is er sprake van herlevend militarisme en nationalisme waarmee zowel de democratie wordt bedreigd als de internationale rechtsorde wordt lamgelegd.

Dit alles in de veronderstelling dat men hiermee een 'juiste weg' zou zijn ingeslagen. Van 'vooruitgang' is echter geen sprake, van een zinloze herhaling van zetten daarentegen des te meer. De geesten zijn verstrikt geraakt in de allesoverheersende gedachte dat de genoemde ontwikkelingen 'onontkoombaar' zouden zijn en zelfs van 'voortvarend pragmatisme' zouden getuigen. Een grotere dwaling is nauwelijks denkbaar. Modern gewaande technocraten zijn de slippendragers van dit om zich heen grijpend neoconservatisme die zich in beleidsmatig opzicht al even rigide betonen als de vele soorten fundamentalisten die zij zeggen te bestrijden. 'Geloof met geloof bestrijden' heeft door de geschiedenis heen nagenoeg altijd tot ellende geleid. Want wanneer de daden even kortzichtig zijn als de oorsprong van het kwaad dat men te lijf wil en wil uitbannen dan zal men met lege handen blijven staan en komt men geen stap verder.

Waarom leert men zo weinig en komt men niet tot inkeer, zou men denken. Is het te veel gevraagd om (de consequenties van) daden en denkbeelden in juist perspectief te zien en tot andere inzichten te komen? Blijkbaar. De raderen lopen zienderogen vast en het gehele samenlevingsbouwwerk dreigt tot stilstand te komen als men zo doorgaat. We zien daarvan al vele tekenen die daarop wijzen. Nochtans knipperen de verblinde gelovigen niet met hun ogen en persisteert men in de genoemde dwalingen die door de werkelijkheid allang zijn gelogenstraft en ontmaskerd. Verbeten hardnekkigheid en hardleersheid alom. Het loskomen hiervan lijkt een welhaast onmogelijke opgave die te veel gevraagd blijkt.

In menig opzicht zijn we terug bij af. Alle partijen die zich aan voornoemde gerichtheden blijven vastklampen diskwalificeren zichzelf en zijn niet het aangewezen vehikel tot zinvolle verandering. Die zal dan ook van elders moeten komen. Maar aangezien de verblinding nagenoeg totaal is behoeft men hiervan niet het heil te verwachten. Het beest is los en springt vertwijfeld alle kanten uit. (Zie ook Ontregeling vervolg II)