Na ons de zondvloed
Een ‘betere wereld’ doorgeven aan de (klein)kinderen? Vergeet het maar. Zij zullen worden geconfronteerd met de vele nimmer vereffende rekeningen en spookbeelden uit het verleden, inclusief alle beleidsmatige dwalingen en nalatigheid eromheen. De wereld is een pan waaruit niemand kan ontsnappen, in weerwil van alle droombeelden die worden rondgestrooid.
‘Toekomstbestendigheid’?
Een lachertje. Men komt om in de rotzooi die en masse wordt geproduceerd en
waarmee men nauwelijks raad weet waar de enorme afvalberg die daarvan het
gevolg is te laten. Dat zal niet verminderen. Ook niet met ‘recycling’. De
enorme aanslag op grondstoffen en energiebronnen nog daargelaten. Het ontbreekt
de wereldbevolking simpelweg aan de nodige basisvoorzieningen zoals
drinkwater, redelijke huisvesting, inkomen en ook voedsel in veel gevallen. Ook
zijn gezondheidszorg en onderwijs lang niet zo goed geregeld als gemakshalve
wordt aangenomen. 1 Wie
mekkert over ‘welzijn en geluk(sbeleving)’ zou zich beter kunnen realiseren wat
dit alles feitelijk betekent. Ook de vele ‘kansen en mogelijkheden’ die voor
het oprapen zouden liggen blijken onevenredig verdeeld. Maar de ‘eigen
(belevings)wereld’ telt, ondanks de kleine horizon en de oogkleppen die daaraan
meestal verbonden zijn. ‘WIJ hebben niets te klagen’, luidt dan het antwoord op
zulke vragen. ‘Ieder zijn ding’ kortom. Het gaat er in de wereld nu eenmaal
niet eerlijk aan toe. Dat was altijd al zo.
Mag in zeker
opzicht zo zijn, maar is nog geen reden om prematuur victorie te kraaien of te
suggereren dat het slechts een kwestie van ‘eigen initiatief’ zou zijn, zoals
‘capability’-adepten niet nalaten te benadrukken. Burgers hebben welbeschouwd
maar marginale invloed op het (globaliserings)geheel en politieke leiders zijn
vaker zetbaasjes van de macht dan zij willen erkennen of hen lief is. Alle
‘democratie’ ten spijt. Niemand ontkomt aan de ontregelende invloed van het
wereldwijde financieel kapitalisme en haar exploiterende ‘verdienmodellen’. Wie jaagt de verspilling nu eigenlijk op? Hoe zit dat bijvoorbeeld met
producenten die het publiek constant dwingen tot ‘updates’ van hun apparatuur
en vervolgens de levering en service van al hetgeen men als ‘verouderd’
beschouwt botweg stopzetten? Zulke mechanismen blijken flink ontregelend en
genereren niet alleen een nodeloze verspilling van deugdelijke producten die
veel langer zouden kunnen meegaan, maar ook een gigantische afvalberg. Wat nu
‘duurzaamheid’? De omloopsnelheid van gebruiksgoederen wordt tot idiote proporties
opgestuwd. Dat alles onder de heilig verklaarde noemer van ’ínnovatie’. Waarom
hier nog langer intrappen of in mee gaan? Uit angst ‘achterop’ te raken of niet
(meer) ‘mee te tellen’? Wat een minimalisme. Burgers zouden zich niet langer
moeten laten reduceren tot louter koopvolk en producenten zouden hun
‘duurzaamheidsambities’ eens drastisch moeten herzien. Wellicht dat er dan een
andere wind zou kunnen gaan waaien. Maar voor het zover is (als het al
zover komt) zal er nog flink roofbouw op means & resources worden
gepleegd en kunnen we de mooie vergezichten wel vergeten. Inderdaad: na ons de
zondvloed.
[1] Zie hiervoor onder meer de (I)HDI-index van de VN
