De totalitaire verleiding van een technocratisch utopia
Motto: de mens gaat
hoe langer hoe meer op een machine lijken in plaats van andersom,
zoals te vaak ten onrechte wordt
gedacht. Dus wat nu 'kunstmatige intelligentie'…?
Kernbegrippen: moderniteit, technocratie, totalitarisme, mentaliteitsgeschiedenis
…
Het urbane
yuppendom van goed gesitueerde pseudo-modernisten grijpt overal de macht, maar wat is de
resultante hiervan en wat schieten bevolkingen en samenlevingen er feitelijk mee
op? Dat is de vraag die verbonden is met majeure veranderingen op politiek,
technologisch en cultureel gebied en die zelfs geostrategische verhoudingen in
de wereld bepalen. Men focust zich op fundamentalistisch terrorisme en
imperialistisch-megalomane drifters alsof daarmee alles is gezegd en het
kwaad in kaart is gebracht en benoemd, maar gaat voorbij aan ontwikkelingen die
daarvan minder ver afstaan dan men doorgaans geneigd is te doorzien en te
erkennen. Men kan te hoop lopen tegen het verschijnsel Trump, maar zolang niet
wordt beseft dat men daarmee slechts de pijlen richt op een in het oog
springende exponent van een veel breder cultureel fenomeen, zal men de
plank mis blijven slaan.
De verschillen
tussen techno-verdwaasden die zich collectief blindstaren op hi-tech en
de veronderstelde, maar vaak danig overschatte zegeningen ervan en
fundamentalistische propagandisten van 'new (ethic) morals' als
tegenwicht tegen het kwaad zijn echter minder groot dan gedacht. Zowel de
morele als technocratische dwingelandij neemt hand over hand toe, maar de zelfingenomen
zich bij de tijd wanende professionals beseffen niet dat daarmee tevens de weg
voor totalitaire volgzaamheid verder wordt geplaveid. Want wie niet gehinderd
wordt door morele scrupules kan zich vrijblijvend koesteren in een vorm van
vrijheid die weinig om het lijf heeft.
Machines, big tech, noch ambtelijke protocollen zullen het heil brengen. Zeker niet zolang natuur, cultuur en techniek hopeloos worden verward en door elkaar gehaald. Niet machines met hun algoritmen gaan op mensen lijken zoals ten onrechte wordt gedacht, maar andersom. De mens gaat hoe langer hoe meer binaire machinale trekken vertonen met alle beperkingen van dien. De dictatuur van libertaristische 'bèta's' met hun slippendragende technocraten die menen alles naar hun hand te kunnen zetten vormt een bedreiging voor vrede, humaniteit en diversiteit. Zeker waar dit alles eveneens fundamentalistische trekken vertoont. Het veronderstelde kunstmatige 'intellect' is in handen van deze gelovigen zeker niet minder ondermijnend voor menselijke verhoudingen en besef van proportionaliteit dan de ongebreidelde machtsuitoefening die megalomane idioten tentoonspreiden. De verschillen zijn minder groot dan het lijkt. Dus is de vraag: wie bestrijdt wie, waarmee en met welke consequenties? Theologisch en technnologisch fundamentalisme ontlopen elkaar niet zo veel. Dat zien we bij de huidige 'godsdienstoorlogen'. Niet alleen in de VS, ook daarbuiten. Seculiere gelovigen met rigide, naar absolutisme neigende opvattingen zijn omnipresent in de wereld van vandaag. Of het nu gaat om gezondheid en de juist geachte levenswijze, om opvattingen over duurzaamheid en het milieu, over goed en kwaad of welk domein ook binnen door henzelf geëntameerde 'politiek correct' veronderstelde kaders – het wemelt van de hypocrisie, gemakzucht en lafhartigheid. Daarbij is ook de dubbele moraal van het meritocratisch denken niet van de lucht. Want men vergisse zich niet: voor zichzelf hanteert men andere maatstaven dan voor de ander. De medemenselijkheid legt het af tegen egomane territoriumdrift in het klein en in het groot. Men heeft zich meester gemaakt van strategische institutionele posities en bezit genomen van menig informatiekanaal waarmee de publieke opinie op een doeltreffende wijze naar eigen hand kan worden gezet en de samenleving voortdurend met spookbeelden en waanvoorstellingen kan worden bestookt. De coup van carrièrebeluste lakeien van de macht is totaal. Leve de gedragsregulering ten behoeve van de gewenste 'mindset'.
Wat drijft deze mensen en vanwaar deze ongebreidelde bemoeizucht? Is het eigen onvrede? Onkunde? Zelfoverschatting? Een combinatie hiervan lijkt de meest plausibele verklaring. Het gaat immers vooral om een generatie die zich onder meer laat kennen door een structureel gebrek aan historisch besef en voor wie zaken die 'niet meer van deze tijd' worden geacht er ook niet toe doen en daarom om niet (meer) relevant zijn. Daarvoor in de plaats komt een vacuüm van dagelijkse oprispingen en holle retoriek over rendementen, winstverwachtingen, verdienmodellen, 'strategische planning', kansen en bedreigingen waarmee markt en samenleving in zulke ogen te maken zouden krijgen en waarnaar burgers zich zouden dienen te schikken (ofwel 'flexibel adaptatievermogen' waarover men dient te beschikken). De leegheid van het bestaan druipt ervan af.
Een doorgegeven 'second hand world' blijkt in handen van een generatie die te midden van een virtueel universum van games en kansberekening is opgegroeid hopeloos te kunnen ontaarden in een schimmig geheel van macabere schijngestalten. Intussen jubelt men over de 'zegeningen van de vooruitgang' alsof het een lineair proces van succesverhalen zou betreffen en alsof veel van de (reële dan wel veronderstelde) zegeningen intussen niet successievelijk naar de schroothoop zijn verwezen. De verkwanseling van het internationaal recht is daarvan een exemplarisch voorbeeld. Want ja, in een volledig digitale financiële en technocratische georganiseerde wereld is veel van wat ooit tot stand is gebracht immers 'overbodig', zo blijkt de gehanteerde cynische veronderstelling. Oorlogvoeren doe je immers ook niet meer met man tegen man, maar met ultramoderne op afstand aangestuurde precisiewapens.
Wie durft het tegen deze achtergrond nog te hebben over 'winst' en 'verlies'? Zijn dat vanwege alle kaalslag inmiddels geen volledig uitgeholde begrippen geworden waarmee men alle kanten uit kan? Zeker. Vooral als gevolg van drammerig maar sleets propagandistisch politiek marketingjargon is de betekenis en levensduur ervan flink geërodeerd. Zij zijn inwisselbaar geworden. Ach, wie maalt erom. Sinds de verkrampte Bush-doctrine zo'n vijfentwintig jaar geleden om zich heen greep heeft het denken in dichotomieën bizarre vormen aangenomen, terwijl de wereld op paradoxale wijze convergeert naar een moreel nihilistisch nulpunt. Met of zonder enige reële hoop of verwachting. Gezegend zijn de onkreukbaren en blijmoedigen van geest, maar de regressie is totaal, zoals dat ook geldt voor de failliete moraal waardoor de wereld zich willoos laat leiden door collectieve verdwazing.
Voor velen lijkt het uitgangspunt van persoonlijke vrijheid, gecombineerd met het uitbannen van discriminatie en hinderlijk gedrag voldoende voor het bestrijden van de wereldproblematiek waarbij men zich tevens slim, bij de tijd en vooruitstrevend waant en men zich wentelt in het veronderstelde beeld dat men de juiste levenswijsheid in pacht heeft. Bij nader inzien blijkt echter veel op drijfzand gebaseerd, als zo'n attitude al niet laakbaar is gezien de hypocriete hovaardij die ervan afstraalt. Een toontje lager en wat meer bescheidenheid in benadering van vraagstukken zou een weldaad zijn en de overspannen animositeit kunnen keren. Eigendunk en hoogmoed is niet de weg die navolging verdient. Daarvan is al meer dan genoeg sprake. Jazeker, er blijft nog heel wat te leren.
'Persoonlijke vrijheid',
'geen discriminatie en hinderlijk gedrag' als panacee voor de
wereldproblematiek. Zou het?
(Het montere drone-volkje meent kennelijk met wat technische hulpmiddelen van wel,
maar 'het broertje van' denkt er toch wat anders over…)
LOKALE DEMOCRATIE?
AAN LOKAAL BEHANG GEEN BEHOEFTE
NET ZOMIN ALS AAN URBAAN MORALISTISCH GESNOTTER.
DIT SOORT VIRAAL-VIRTUELE OPRISPINGEN
ZIJN EEN PLAAG VOOR MENS
EN SAMENLEVING.
WEG ERMEE!
(EN LAAT DE CYNISCHE STATEGEN HUN DOLDRIESTE PLANNEN VERDER MAAR FIJNTJES UITVOEREN,
DAN KUNNEN ALLE TOT STAND GEBRACHTE MAAR LASTIGE ZAKEN GEVOEGLIJK OVERBOORD).
