Rijksfinanciën op orde? Kostenopdrijving en stapelen maar! De burger betaalt het gelag

De politiek i.c. de coalitiepartijen VVD, PVV, NSC en BBB jubelen weliswaar over de uitkomst van de voorjaarsonderhandelingen met betrekking tot de plannen voor de Rijksbegroting, maar de voorgenomen maatregelen zijn slechts een druppel op de gloeiende inkomsten- en onkostenplaat van de burger en komen daarom neer op een al te doorzichtig schamel zoethoudertje. Defensie (ja het kan niet op) soupeert meer dan een miljard op, maar de kosten voor levensonderhoud worden niet met een beloofde btw-verlaging dragelijker gemaakt, evenals de vele heffingen die stelselmatig worden opgevoerd aan de bestaande fiscale systematiek niets veranderen. Bij alle huidige politieke commotie is er opvallend weinig aandacht voor de ongehoorde fiscale roofbouw op de burger die geen grenzen kent, maar schaamteloos wordt gecontinueerd. Burgers zijn zowel melkvee als pinautomaat voor de overheid en moeten cumulatieve — ofwel gestapelde — belastingen ophoesten zoals inkomstenbelasting, gemeentebelasting, waterschapsbelasting, wegenbelasting, btw en accijnzen, en daarenboven nog allerlei heffingen voor primaire levensbehoeften als energie, zorg en wat niet al. Elke financiële transactie wordt belast, maar de fiscale systematiek is een rommeltje en een potpourri van tegenstrijdige en elkaar in de weg zittende uitvoeringsprincipes. Zoals daar zijn:

·        het solidariteitsprincipe

·        het draagkrachtbeginsel

·        het profijtbeginsel

·        inkomensherverdelingsmechanismen

Van enige consistentie in het geheel is nauwelijks sprake; (politieke) willekeur voert de boventoon. Primair dienen belastingen om staat en overheid hun grondwettelijke functies te laten uitvoeren en daarmee overeenkomstige diensten te verlenen waarop alle burgers recht hebben. Daar dragen burgers inkomstenbelasting voor af. Deze belasting is gebaseerd op zowel het solidariteitsprincipe als het draagkrachtbeginsel. Immers, men betaalt voor zaken waar men gebruik van maakt, maar ook voor allerlei zaken waar men geen gebruik van maakt maar die desondanks noodzakelijk worden geacht voor het functioneren van de samenleving al geheel. Het profijtbeginsel is dus niet aan de orde. Dit alles inkomensafhankelijk gerelateerd. Daardoor zitten er feitelijk ook herverdelingsmechanismen in het stelsel verdisconteerd.

Bij gemeentelijke heffingen en afdrachten voor de Waterschappen is echter een geheel andere systematiek aan de orde. Op basis van solidariteit? Naar gebruik (zoals bij btw-heffing en accijnzen, alsook bij energielevering het geval is)? Naar inkomsten c.q. draagkracht? Nee, (selectief) naar (verondersteld) 'vermogen' dat in de meeste gevallen merendeels virtueel is. Burgers worden aangeslagen naar de veronderstelde marktwaarde van de eigen woning, hetgeen met de dienstverlening van het lokaal en regionaal bestuur feitelijk weinig heeft uit te staan. (Huurders krijgen zulke kosten doorgaans in de huurprijs doorberekend). Desondanks worden de heffingen voortdurend opgedreven, vooral wanneer besturen in de financiële problemen komen wegens bezuinigingen bij de Rijksoverheid. De burger is dus dubbel de klos: hij kan wegens vergaande verrommeling van de publieke sector grotendeels fluiten naar een adequate nationale dienstverlening en het lokale bestuur wentelt daarenboven de bezuinigingsproblematiek ook nog eens selectief op haar inwoners af. Zoals gezegd niet naar draagkracht of gebruik, maar op basis van verondersteld vermogen dat in werkelijkheid in de meeste gevallen heel anders kan uitpakken daar burgers meestal niet over dit vermogen kunnen beschikken, tenzij men het huis verkoopt. (En dan nog, er zal dan toch een andere woning moeten worden gezocht en betrokken, zodat men er in veel gevallen weinig mee opschiet). Zowel het solidariteitsprincipe als het draagkrachtbeginsel worden derhalve hiermee flink met voeten getreden.

Btw-heffing mag overigens door de politiek volgens het profijtbeginsel worden verondersteld, het gaat met name om primaire levensbehoeften die welbeschouwd voor alle burgers onmisbaar zijn en derhalve niet gemist kunnen worden. Sprekend over het 'profijtbeginsel' is daarom uiterst relatief en de toepassing ervan nogal discutabel. Deze belastingheffing vormt echter een bepalende factor in de kostenopdrijving voor burgers.

Ook medische zorg is een primaire levensbehoefte die onder de mensenrechten valt. Zorgkosten naar draagkracht? Volgens het profijtbeginsel? Op basis van solidariteit? Niets van dat al, of beter gezegd een wirwar van uitgangspunten en veronderstellingen. Burgers betalen een voor iedereen gelijke basispremie, maar daarbovenop dienen zij zich te verzekeren van dekking voor alle overige zorgkosten al naar gelang men hiervan gebruik wenst, of gedwongen is, te maken. Veel noodzakelijke zorgverrichtingen en medicijnen zijn echter van de basisdekking uitgesloten, zoals ook commerciële zorgverzekeraars in wier handen de zorgverlening door de politiek is gelegd een eigen vergoedingssystematiek kunnen hanteren en kunnen bepalen welke medicijnen onder het 'preferentieregime' vallen en welke niet. Wie kan betalen heeft geluk, anderen moeten maar zien hoe zij zich redden. Dit alles ondanks dat gezondheidszorg een sociaal grondrecht voor alle burgers is en dus voor iedereen beschikbaar en toegankelijk zou dienen te zijn. Dat is het in veel gevallen niet. Er is sprake van een bizarre vorm van 'solidariteit', daar toepassing van het profijtbeginsel dit sociaal grondrecht doorkruist en de ganse bevolking voor de goed gesitueerden die zich van alle gewenste zorg kunnen verzekeren laat opdraaien. En ja, wie jaagt nu kosten op? Zijn dat de mensen die af en toe een dokter nodig hebben, of degenen die zich lang niet altijd noodgedwongen laten bedienen door specialisten en kostbare medische apparatuur die door een bonte verzameling ziekenhuisbestuurders maar al te gretig uit concurrentiemotieven wordt aangeschaft? Ook afrekeningssystematiek op basis van medische verrichtingen is voor veel zorgverleners een doorn in het oog. En alle administratieve en procedurele rompslomp eromheen niet te vergeten. Wat duidelijk moge zijn is dat inkomensposities niet in ultimo bepalend zouden mogen zijn voor een deugdelijke nationale zorgverlening.

Bij de wegenbelasting is tevens iets soortgelijks aan de hand. Op basis van het profijtbeginsel (gebruik naar rato) wordt belasting geheven voor zowel het tanken (accijns) als voor het autobezit, zelfs als men hiervan nauwelijks of slechts minimaal gebruik maakt. Voor de aanleg en het onderhoud van de infrastructuur betaalt de burger op basis van het solidariteitsprincipe echter al belasting die net als voor alle andere dienstverlening door de overheid in de inkomstenbelasting is verdisconteerd. De enorme verschillen in belastingheffing tussen Europese staten is ook wat dit aangaat opmerkelijk, zo niet veelzeggend. Waar blijft de veelbesproken 'harmonisatie'?

Ook sparen (als men hieraan al toekomt) wordt belast. In feite wordt over elke verdiende euro meermalen belasting geheven. Daartegenover staat dat bedrijfswinsten naar verhouding slechts minimaal worden belast en deze heffing ook gemakkelijk kan worden omzeild door handig gebruik te maken van virtuele rendementsverliezen als gevolg van 'tegenvallende resultaten' c.q. 'winstprognoses'. 'Creatief boekhouden' heet dat. Ook het juridisch en organisatorisch wegsluizen van winsten maakt hier deel van uit.

Al met al wordt er op dubieuze wijze met verschillende maten gemeten en is de gehanteerde fiscale systematiek een monstrum met een waterhoofd. De boel is uiterst zwak gelegitimeerd en staat bol van de (politieke) willekeur, maar de burger legt allerwegen het loodje en betaalt zich blauw. Nog afgezien van het feit dat veel mensen geen woning kunnen betrekken en de kosten voor een huur- of koopwoning de pan uitrijzen is de verhouding tussen kosten en baten ondanks alle goede sier ronduit bedroevend. De belastingdruk voor burgers is enorm en beslist niet te onderschatten. Iedere politieke partij die verklaart zich sterk te willen maken voor 'bestaanszekerheid' zou zich moeten schamen.

Nee, Nederland is beslist geen belastingparadijs. Althans niet voor de burger. Wel voor de overheid en het (multinationale) bedrijfsleven. Die weten er wel raad mee.

Vrolijk Pasen. De burgers worden bedrogen. Wanneer stopt men met dit Pilatus-gedoe en gaan we daadwerkelijk eens echt afrekenen?

                                                                                                    Arm onderwijs 

De burger — en in het bijzonder zijn staatsrechtelijke en rechtsstatelijke positie — komt er niet alleen in de politiek, maar ook in het onderwijs uiterst bekaaid vanaf. Men beuzelt wat over 'normen en waarden' zoals in het burgerschapsonderwijs, maar vergeet dat de sociale en politieke wetenschappen een veel genuanceerdere benadering van de verhouding burger-staat-overheid voorstaan en dat de burger op de eerste plaats grondwettelijke rechten heeft, zoals de staat op haar beurt verplichtingen dient na te komen. De versmalling van het curriculum tot aanpassing aan gewenste normen dat van elk scepticisme is gespeend doet het onderwijs noch de samenleving goed, maar leidt tot flink wat misvattingen over het leven in de pluriforme democratische samenleving. Die pluriformiteit kalft dan ook niet 'zomaar' zienderogen af, maar wordt willens en wetens verdrongen door een schamele uniformiteit die bovendien bedrieglijk is. Want hoe men het ook wendt of keert, samenlevingen blijven een verzameling van uiteenlopende denk- en levenswijzen waarbij het in principe niet aan derden is om te bepalen hoe zulke denk- en levenswijzen eruit behoren te zien. Dat is een basaal uitgangspunt dat hoe langer hoe meer met voeten wordt getreden. De Grondwet schrijft geen gedrag voor, maar laat juist essentiële ruimte voor persoonlijke invulling. Daarvoor is met man en macht gestreden. Bij onvoldoende (basis)kennis van deze principes is het hek van de dam en worden er allerhande dwingende (moraliserende) posities ingenomen die men niet toekomt. Dat is ernstig en zou daarom ook scherp veroordeeld moeten worden.

Het waren juist dit soort bedenkingen die met name conservatieve politici deden terugdeinzen toen men het onderwijs beoogde te verbreden met (basale) kennis uit de sociale en politieke wetenschappen, maar men deze kennis nu zonder blikken of blozen denkt te kunnen negeren in de veronderstelling daarmee een zinnige bijdrage aan de opvoeding en vorming van jongeren te leveren. Welnu, dat is niet het geval. Jongeren wordt een substantieel kennisdeel onthouden en wijsgemaakt dat 'aanpassing' het hoogste goed zou zijn. Zo creëert men waandenkbeelden over het bedrijven van politiek als 'ruzie maken' en verdwijnt de hele politieke dimensie uiteindelijk uit beeld. Depolitisering kortom als hypocriet zwaktebod, waarbij de rechtmatige positie van de burger in de mist verdwijnt en in rook opgaat. Niet verwonderlijk dat jongeren (evenals veel volwassenen) gaan zwalken en menen dat zij er (moeten) zijn voor de staat, in plaats van andersom. Zo holt men de democratie uit in plaats van haar te versterken. Al deze angstvalligheid is niets anders dan onkunde gekoppeld aan koudwatervrees waar men opgroeiende generaties nodeloos mee opzadelt. De hele ontwikkeling van (regressieve) 'ethische reveils' tot 'burgerschapsvorming' omvat een glijdende schaal naar nietszeggendheid, want de 'normen en waarden' die men denkt te moeten propageren zijn op zijn zachtst gezegd nogal discutabel en missen te vaak de nodige rechtsstatelijke grondslag en onderbouwing. Het corporatisme dat aan zulk denken veelal ten grondslag ligt is niet datgene wat moderne samenlevingen kenmerkt, maar een wensdroom van degenen die elke vorm van belangenstrijd ontkennen en afwijzen. Daarin passen dan ook geen 'oppositionele' burgers die wel eens dwars zouden kunnen gaan liggen c.q. daadwerkelijk van hun rechten gebruik zouden maken en deze onverkort zouden willen doen gelden.

Wat betekent deze ontwikkeling tegen de achtergrond van uitdijend politiek en bedrijfsmatig cynisme? Zijn dat de 'normen' die men voor ogen heeft? Nee zal men zeggen, maar dat is wel een realiteit die men met alle vrijblijvende nietszeggendheid bewerkstelligt. Niets ontstaat zomaar. Ook een 'surveillance-staat' niet. Bij alle nadruk op 'getting your piece of the cake' en alle opgeklopte ambities eromheen kan men zich niet verschuilen achter goede bedoelingen. Het onderwijs verdient beter. Aan een 'seculiere theocratie van gelovigen' heeft de samenleving geen behoefte. 

En over 'waarden' gesproken:

"Beëindig de wapenwedloop", zo riep Paus Franciscus met zijn laatste woorden de wereldgemeenschap en haar leiders tijdens het Paas-feest op. Al wie christelijke en humanitaire deugden voorstaat, dan wel zich als zodanig wil afficheren en de vrede wil dienen zou deze oproep ter harte moeten nemen en kan zich niet verschuilen achter termen van 'nut en noodzaak'. De-escalatie van conflicten is een (permanente) opdracht die niet genegeerd kan worden. Ook 'zelfverdediging' is geen excuus hiervoor. Militarisme aanwakkeren onder verwijzing naar 'dreiging' slaat deze oproep finaal in de wind en heeft er geen boodschap aan. Maar dan hoeven zulke personen zich ook niet moreel op de borst te kloppen, zoals nu het geval is. Zo 'moreel' als men voorgeeft is men niet. Het rücksichtslos in de waagschaal stellen van mensenlevens is verwerpelijk en dient ondubbelzinnig te worden afgewezen.
Laat het gezegd zijn. Want nu Franciscus de volgende dag dat hij deze woorden uitsprak is overleden kan men zich terdege afvragen wat de snelle condoléance-woorden waard zijn die mensen als Schoof, Von der Leyen, Herzog en anderen bezigen om daarmee te suggereren dat zij slechts vredelievende bedoelingen hebben en menen daarmee hun handen in onschuld te kunnen wassen. Dat maakt geen sterke indruk maar getuigt wederom van onverholen opportunisme. De wereld draait onbeschaamd door en dat zal men weten ook. Niet voor niets werd tijdens de uitvaartceremonie in Rome in aanwezigheid van staatshoofden en regeringsleiders nog eens benadrukt dat oorlog altijd een nederlaag voor iedereen betekent, ondanks dat hiervan opvallend en ook veelzeggend genoeg in zalvende en alle controverses gladstrijkende commentaren nauwelijks gewag werd gemaakt. Fratelli tutti betekent dan ook beduidend meer dan het obligate 'samen'. Het gaat op de eerste plaats om samen (willen) werken, niet om elkaar in (dol)driestheid de loef af te steken en met alle middelen naar het leven te staan. Dàt is de kern van het principiële pacifisme dat Franciscus voorstond. Zolang de dreunende ritmeboxen blijven stampen en denderen lijkt alles pais en vree, maar dat is slechts schijn. Er is werk aan de winkel. Veel werk, dat aanmerkelijk verder gaat dan propagandistische retoriek en alle nietszeggendheid eromheen. Wie zich louter door populariteitsmotieven laat leiden verspeelt uiteindelijk alle goodwill.
Ja inderdaad, de Paus was een man van het volk maar kennelijk niet van de leiders. Hun 'moraal' is flinterdun en even vluchtig als de wind.
 
Dona nobis pacem.
 
Fotografie: ANP / EPA Darek Delmanowicz
 

De rappe teloorgang van Nieuw Sociaal Contract  een bloem die maar niet wilde bloeien

De recent opgerichte partij NSC waar velen hun hoop op hadden gevestigd graaft haar eigen graf. Men is niet in staat gebleken de eigen principes gestand te doen en in beleid om te zetten, maar heeft zichzelf klemgezet tussen idealen en politieke realiteit. Dat partijleider Omtzigt het voor gezien houdt is dan ook niet verwonderlijk. Het aangaan van een coalitie met de partij die volledig verantwoordelijk is geweest voor de enorme hoeveelheid aangerichte maatschappelijke ellende heeft haar uiteindelijk de das om gedaan. Men bleek niet in staat de VVD noch haar verbeten jacht op de pensioenen te keren, maar zat wel met haar politieke erfenis opgescheept. Nu niet alleen van de bepleite 'bestaanszekerheid' substantieel niets terecht komt maar ook de door de Rutte-coalities beKOKstoofde 'marktconforme' pensioensystematiek onverkort wordt doorgezet, is het deficit compleet. Nota bene de eigen minister Van Hijum blijkt hoogverraad aan de partij te plegen door met de oppositie inclusief de VVD te heulen en het door de NSC-fractie voorgestelde instemmingsrecht bij de pensioentransitie af te wijzen. Een ongehoorde vertoning waarmee een dolkstoot in de rug wordt gegeven. Als je zulke mensen in je gelederen hebt, heb je geen vijanden nodig. De coalitie staat op scherp, maar de VVD kraait wederom victorie. Regering en Kamer lopen als vanouds aan haar leiband.

Het buitenlandbeleid was evenals het inzetten op decentralisatie al niet sterk en leek verdacht veel op door onder meer het CDA ingenomen posities, maar het onderschatten van de geharnaste financieel-economische marktlobby aan wier luimen ook vrijwel alle andere partijen zich sinds jaar en dag hebben geconformeerd was de zwakke schakel in het geheel. De verworven massieve tegenmacht werd daarmee niet verzilverd, maar te grabbel gegooid. Niet eens zozeer de PVV bleek de antagonist zoals breeduit werd gedebiteerd, maar de sfinxachtige VVD en kompanen van links tot rechts. De duistere geest van Rutte hangt nog altijd als een slagschaduw boven Nederland. Het conservatieve blok kan opgelucht ademhalen. Nadat voormalig links al was ingekapseld en door de marktliberalen grotendeels opgeslokt is nu ook NSC passé. Leve de markt en tel uit uw winst. Wie nu nog niet beseft wat dit alles betekent die beziet maar eens de teloorgang van een 'marktconforme' partij als D66, of het armzalige gesputter van de PvdA-GrL combinatie. Dan weet men genoeg. 'Rozen in de vuist' zijn nu grotendeels van nauwelijks afbreekbaar plastic.