Actieknop

Rammelende journalistiek

Vrije journalistiek raakt danig in de knel. Recent onderzoek (Erasmus Universiteit Rotterdam) heeft uitgewezen en bevestigd wat men al langer kon constateren, namelijk dat er in de tv- en dagbladjournalistiek sprake is van flink wat vooringenomenheid en dat journalisten van deze dwingelandij meer dan genoeg hebben omdat dit hun onafhankelijke en kritische berichtgevingswerk ernstig belemmert. Men geeft er de brui aan, houdt het voor gezien en weigert – terecht – nog langer als propagandistische speelbal te worden gebruikt. Dat is niet mis en wijst op een onacceptabele vorm van (zelf)censuur die haaks staat op het grondrecht van vrije nieuwsgaring en informatieverspreiding. In een democratische rechtsstaat immers volledig uit den boze. Wie anderen de maat wil nemen dient op de eerste plaats hand in eigen boezem te steken: look at yourself is het motto. Waar halen redacties en hun chefs het lef vandaan om hun collega's de wet voor te schrijven? In wiens belang denkt men te werken?

Met name de NOS spant de kroon, maar ook landelijke dagbladen komen niet ongeschonden uit het onderzoek. Nu focusten de onderzoekers zich weliswaar exclusief op het vigerende Joodse-Palestijnse conflict, maar de lijn kan zonder meer worden doorgetrokken tot berichtgeving over de Navo, de VS, De EU, het binnenlandse beleid en vele geopolitieke issues. De bias – ofwel selectieve vooringenomenheid– is in veel gevallen ontluisterend. Redacties laten hun oren willoos hangen naar de luimen van allerhande externen zoals de Rijksvoorlichtingsdienst, de AIVD, de Nederlandse Bank, Europese Commissie, de Navo, het Ministerie van Financiën, de ECB, het IPCC, Clingendael, het Cidi, de verzamelde zorgverzekeraars en nog vele andere denktanks en lobbyclubs. Media reduceren zich daarmee tot louter propagandavehikel hetgeen in een autocratische dictatuur niet zou misstaan. Daar is geen externe censuur voor nodig. Non-cooperatie is wel degelijk de sleutel om gesloten machtsstructuren te doorbreken, maar als er geen afstand tot de macht wordt genomen wordt het niks en is het hek van de dam.

De uittocht van journalisten en commentatoren is overigens al langer aan de gang en zeker niet louter van recente datum. Ten tijde van de om zich heen grijpende schaalvergroting en persconcentratie was er al sprake van leegloop en moesten kritische geesten het ontgelden. Kritisch weerwoord was niet meer gewenst. Alle neuzen moesten zogezegd dezelfde kant op. Daarmee verschraalde de berichtgeving in rap tempo en bleef slechts 'human interest' (ofwel de categorie persoonlijke 'verhalen') over. Tot vervelens toe. Kranten werden 'lifestyle magazines', televisiejournalistiek infotainment. Al te controversiële politieke kwesties en dimensies werden gemeden en (hoewel nimmer openlijk) taboe verklaard. Daarmee waande men zich 'waarde(n)vrij' en boven elke verdenking van vooringenomenheid verheven, maar het tegendeel bleek het geval. Een belangrijke pijler van de democratie gaat teloor. Laat al die borstklopperij over de pluriforme informatievoorziening dus verder maar achterwege.

Wat zelfcensuur betreft zien we een vergelijkbare ontwikkeling van negeren en omzeilen van politieke controverses in het parlement die zo kenmerkend is voor de huidige politieke cultuur. Zo zijn er meer politieke debatten die in het parlement NIET plaatsvinden dan wel. Men steggelt bijvoorbeeld liever eindeloos over discriminatie dan fundamentele ongelijkheid aan de kaak te stellen. Daarnaast wordt alles wat ook maar enigszins met de (vroegere) betrokkenheid van politieke partijen met controversiële kwesties in verband kan worden gebracht angstvallig vermeden. Zo blijft er weinig over van politieke deliberatie die verder reikt dan de almaar wisselende waan van de dag.